Met de term 'Armeense Genocide' wordt in dit geval verwezen naar de Armeense massamoorden onder Azerbeidzjanen in de beginjaren van '90. De naam van deze website verwijst dan ook naar de wandaden van de Armeniërs gedurende de Armeens-Azerbeidzjaanse Oorlog van 1991-1992, vooral naar de door de Armeniërs uitgevoerde etnische zuivering en massamoorden onder Azerbeidzjanen in Hocalı.
 

De Armeense Genocide op Azerbeidzjanen

Nadat Azerbeidzjan in 1991 onafhankelijk werd van het voormalige communistische Sovjet Unie, begon Armenië een oorlog om grondgebied van de nieuwgevormde Azerbeidzjaanse staat in te nemen. In deze oorlog werd Armenië bijgestaan door Rusland en streefde Armenië, net zoals in de periode 1915-1917 tegen de Osmaanse Turken, nog steeds naar een Groot–Armenië maar ditmaal ten koste van de Azerbeidzjaanse Turken. Azerbeidzjanen beschouwen zichzelf verwant tot de Turken omdat beide volkeren Turks spreken, net zoals Vlamingen en Hollanders in Nederland en België.

Gedurende de oorlog boekte Armenië, met technologische hulp van Rusland en een speciaal voor de oorlog gevormd legereenheid bestaande uit vrijgelaten gevangenen zoals moordenaars en verkrachters die “De Karabağ Strijders” genaamd waren, grote successen. Al snel werd een kwart van Azerbeidzjan veroverd en bezet; 1 miljoen Azerbeidzjanen werden gedwongen te verhuizen door de Armeniërs, waarbij er niet geschroomd werd om gebruik te maken van massamoorden. In totaal werden ruim 30.000 onschuldige Azerbeidzjanen om het leven gebracht door de Armeniërs. De wreedheden en massamoorden begonnen met de genocide op de etnische Azerbeidzjanen in de provincie Karabağ; Armenië begon de stad Hocalı te bombarderen terwijl er bekend was dat er in Hocalı geen gewapende strijders waren.

Hocalı had een vrijwel homogene bevolking van etnische Azerbeidzjanen waarbij weinig tot geen Armeniërs woonden, juist hierom werd Hocalı bestookt door Armeense raketten. Toen het Azerbeidzjaanse leger niet bij machte bleek om te hulp te schieten, werden de wrede speciale eenheden (bestaande uit Armeense gevangenen) losgelaten om de lokale bevolking uit te roeien. De genocide duurde de gehele nacht en was volgens de waarnemers van de Verenigde Naties de meest gruwelijkste van de 20ste eeuw. Vrijwel iedereen werd vermoord; zowel de vrouwen als de kinderen, mannen en bejaarden. Verkrachtingen, sodomie, necrofilie, martelingen, kannibalisme en mensen die levend verbrand werden, vulden die nacht de stad Hocalı.

Het officiële onderzoek van de Verenigde Naties toonde dat alle ogen uit de lijken gehaald waren, alsmede waren de oren en neuzen afgesneden naar oud Armeens gebruik om het als trofee te gebruiken. Aan de hand van deze lichaamsdelen kregen de Armeense troepen per stuk een bonusbedrag toebedeeld. Tevens vonden waarnemers een ongewoon hoog aantal ongeboren kinderen van zwangere vrouwen, die ook massaal afgeslacht waren. Het bleek onduidelijk om vast te stellen waarmee de mensen vermoord werden, omdat veel lichamen verkoold waren.